ik schrijf geen liefdesbrieven meer aan Romeo

lieve,
leer me je tekenen
geef me een potlood
geef me de slagschaduw waarin ik de heup van een vrouw terugvind
geef me geen gum
geef me een duiding

een wachtruimte
een plek om in op te groeien

het zijn die lijnen die de trots

de liefde
de schaamte

maar ook de walging van moederschap dragen

het zijn die lijnen die ik herken in het gezicht van een actrice
waarin ik mijn oma terugvind
leer me hoe ik mijn naam uit moet spreken
zeg me hoe mijn lippen te vormen
om uit te leggen dat die naam niet van ver komt
nee
leer me eerst begrijpen dat meisjesnamen altijd eigendom zijn van een vader
leer me nee te zeggen
trek je lippen los
snoer de lijnen aan
ik volg de beweging van je mond nauwgezet
beloofd
ik zal niet zoeken naar de tongval
die je boven zee hebt losgelaten
ik zal de klanken van dit land heruitvinden
beloofd
geef me een schreeuw om te reproduceren
geef me een opstand
bevraag of je moet opstaan om in opstand te komen
zeg nee
blijf zitten
vlucht als iedereen zegt dat je moet vechten
bevries als je geleerd is dat vluchten de enige optie is
vecht in je bevroren zijn

(Melissa Knollenburg)

In mijn lijf woeden duizend vrouwen, één van hen heet Medea

Al jaren ruist haar stem langs het huis sommige artsen noemen het
tinnitus of oorsuizen
ik noem haar Medea
ze heeft geen kinderen
ze is nooit moeder geweest
of broedend op wraakgevoelens
hooguit bezitter van een kapmes
om woorden die haar niet zinnen
mee doormidden te rijten
niet om ze voor altijd de mond te snoeren maar om de taal in klanken op te delen
en haar eigen verhaal te herschrijven
haar leven was al neergepend
maar Euripides is dood
en niet in staat uit zijn graf op te staan
Nu is dit mijn vrouw, Medea
haar ogen; altijd hongerig
ze herinnert zich meer dan ik
ze bewaart associaties
vooroordelen
collecties van beelden die voorbijgingen
vanmorgen toen ik opstond
voor het eerst zover ik weet
was Medea vergeten
bij welke stem ze hoort
in welk gezicht ze woont
ik wist het al een tijd
bedacht een week of twee geleden
de dag zal komen
ik wist alleen niet wanneer die dag vandaag zou zijn
herinner ons een plek om in thuis te komen stel je voor de houding
stel je voor gebogen knieën
stel je voor de vingers in elkaar verstrengeld bid voor een wedergeboorte
(en ik geloof niet eens in goden)
de dag zal komen en ik zal me niet moedig
voltooid
gevaarlijk
genoeg hebben gedacht

de dag zal lang zijn en langer toch dan ik bedenken kan
de zon zal branden en feller ook dan ik bedenken kan
mijn water zal zich
woest maken
de gedachtenstroom driftig

de dag zal komen

in mijn bagage heeft zich omgekeerd haar portemonnee
haar toilettas
haar maag

nu ik weet dat meer dan
de helft van ieder lichaam water is zal de dag komen dat zij
in mij verdrinkt
de dag zal komen en ik zal kijken naar hoe de zwaarst gewogen woorden naar de bodem van dit lichaam zakken en daar bepalen welke voet zich als eerste gewonnen geeft
aan de kracht van zwaarte

rechts

links

rechts

tot die tijd
stel je voor een knipoog
werp valse beloftes op als muren maak van je poriën een woning maak van de gaten in het verhaal dat je over jezelf vertelt een woning trek de kloven van je lippen open
ik zoek onderdak.

(melissa knollenburg)

Melissa Knollenburg

Melissa Knollenburg(1994) is een Indische schrijver van toneel, essays en poëzie. Haar schrijverschap is altijd verbonden aan lichamelijkheid en liefhebben. De afbraak en wederopbouw van het lichaam en van de stad zijn belangrijke thema’s in haar schrijven. Het afstudeeronderzoek Mensmateriaal of zwarte bladzijdes in een essaybundel waarin Melissa inzoomt op haar afkomst, familie en hoe het is om op te groeien als Indische vrouw. Haar afstudeerstuk Hurricane Season is een ode aan strijdbaar durven zijn. Dit stuk over bi-culturaliteit en liefde eert de ontmoeting in tijden van verval. Beide werken zijn nauw verbonden met de actualiteit. Tijdens haar studie liep ze stage bij o.a. Judith Herzberg en Eric de Vroedt. Ze schrijft op dit moment voor Toneelmakerij Studio,Theaterkrant Magazine en Het Nationale Theater.